
|
| |
| Zaterdag 30 mei
Vrijdagochtend, omstreeks een uur of tien,
vertrekt uit Utrecht een goed gevulde (Royal-Class)
fietsbus van OAD/Cycletours. Eindbestemming:
Siena in Toscane, Italië.
Veel oponthoud in Duitsland door een gebroken
V-snaar, waardoor we na 8 uur vertraging
zaterdagmiddag Siena pas bereiken. Eén voordeel:
de doorsteek door de Alpen (Inn-tal) en de
Dolomieten wordt nu bij daglicht afgelegd. In
'peloton' wordt de eerste etappe ('n proloog van
ca. 3 km) afgelegd naar de redelijk drukke
camping 'Colleverde', die op een heuvel boven de
stad is gelegen. De eerste de beste keer dat ik
de tent opzet breekt een stukje van de aluminium
stok. Met wat geïmproviseer kan ik met een
haring en wat ijzerdraad de boel nog opzetten,
maar stevig is anders. Een collega fietser schiet
me te hulp en biedt me een reparatie buisje aan,
waarmee de tentstok weer prima functioneert.
Na de lange en vermoeiende busrit en het gehannes
met de tent smaakt 's avonds de pizza van de
plaatselijke pizzeria uitstekend.
Zondag 31 mei
Route: Siena - Monteroni d'Arbia - Asciano -
Abbazia de Monte Oliveto Maggiore - Asciano -
Siena (92 km).
Met een onbeladen fiets trek ik richting
zuidoosten door het fotogenieke Toscaanse
landschap van de "Crete". De Crete is
een glooiend heuvellandschap met hier en daar
rijtjes cipressen of een alleenstaande boerderij.
Door de erosie is op sommige plaatsen een soort
maanlandschap ontstaan.
|
Siena
|
| Maandag 1 juni 's Ochtends
een bezichtiging van de fraaie binnenstad van
Siena. De vele nauwe, hellende en dalende
steegjes komen uiteindelijk op het indrukwekkende
plein Piazza del Campo bijeen. Tegen de middag
wordt het weer eens tijd om de fiets te pakken
naar San Gimignano, het 'Manhattan' van de
Middeleeuwen.
De heenweg gaat via hooggelegen, ommuurde
stadjes als Monteriggioni en Colle di val d'Elsa.
Terug naar Siena via de bossen en smalle,
rustieke binnenweggetjes (96 km).
|
 San Gimignano
|
| Dinsdag 2 juni Route: Siena -
Buonconvento - Montalcino - Montenero - Castel
del Piano (82 km).
De eerste etappe met volle bepakking gaat
wederom zuidwaarts naar de (dode) vulkaan Monte
Amiata.Het is warm en heet, de klimmetjes
onderweg zijn niet erg lang, met wel steil.
Vooral de laatste loodjes naar het op 637 m
hoogte gelegen stadje Castel del Piano, wegen
zwaar. In dit stadje is een aardige en erg
rustige camping gelegen, waar ik twee dagen
verblijf.
Woensdag 3 juni
Een op papier lastige klim naar de top van de
Mt. Amiata (15 km, 1100 m hoogteverschil) blijkt
mee te vallen: de klim is door de vele bomen
tamelijk beschut tegen de fel schijnende zon, de
stijgingen verlopen zeer geleidelijk en nergens
extreem. Op de top een aardig uitzicht over de
omgeving, echter geen spectaculaire kraters of
andere interessante verschijnselen. Vulkanische
aktiviteit is daarentegen wèl in de buurt te
vinden bij Bagni San Filipo, een gehucht aan de
voet van de vulkaan. Via een smal bospaadje
bereik je een plek waar het warme bronwater
zomaar van alle kanten uit witgekleurde rotsen
stroomt. Op sommige plaatsen zijn door
kalkneerslag versteende watervallen ontstaan.
Overal ruikt het naar zwavel. Afgezien van het
warme weer, de vele bomen en de geurende lavendel
doet het landschap me denken aan de trektocht op
IJsland.
De terugweg naar Castel del Piano gaat ditmaal
langs de vulkaan, over kleine, vaak ongeteerde,
maar mooie bosweggetjes en langs schilderachtig
gelegen dorpjes.
|
 Bagni San Filipo
|
| Donderdag 4 juni De tweede
'verplaatsing' gaat richting Lago di Bolsena, een
kratermeer. Via Arcidosso en Semproniano eerst
een bezoek aan Sovana, waar in de buurt een
Etruskische dodenstad, met in tufsteen uitgehakte
graven, is te bewonderen. Het is inmiddels fors
gaan regenen, zodat in een van de vele
nabijgelegen groeves geschuild kan worden. Na
Sovana en een bezoekje aan het schilderachtige
dorpje Sorana blijft het maar regenen. De
geplande kampeerplaats aan het meer van Bolsena
komt derhalve te vervallen en aan een stuk door
fiets ik via Tuscania en Tarquina naar de kust (130
km). Het is inmiddels weer droog, maar de
fietscomputer is defect en de badplaats Tarquina
Lido en de (dure) camping zijn ook al niet om
over naar huis te schrijven.
Vrijdag 5 juni
Rustdag. Saaie en korte rit naar de drukke
havenstad Civitavecchia (25 km). Hier vertekken
vele veerboten naar Sardinië. In de namiddag
koop ik een kaartje voor de nachtboot naar
Arbatax, kijk intussen wat rond in de stad en
koop ik een nieuwe batterij voor de fietscomputer.
|
 Etruskische dodenstad
|
Vervolg in deel 2: Sardinië
>
|
|
|
|